Banken zeggen dit jaar vaker ja tegen een financieringsaanvraag dan ooit tevoren. Uit de nieuwste Financieringsmonitor van het CBS blijkt dat 93 procent van de mkb'ers die een aanvraag indient, uiteindelijk het gevraagde bedrag geheel of gedeeltelijk krijgt. In 2019 was dat nog 84 procent. Toch groeit de kloof tussen mannelijke en vrouwelijke ondernemers, en niet omdat financiers vrouwen vaker afwijzen. Het probleem zit een stap eerder: vrouwen kloppen simpelweg veel minder vaak aan.
Financiers zeggen vaker ja dan ooit
De cijfers uit de Financieringsmonitor 2025 zijn duidelijk. Vorig jaar had 15 procent van de Nederlandse bedrijven behoefte aan nieuwe externe financiering, tegen 20 procent in 2019. Van de ondernemers die vervolgstappen zetten, vond 55 procent daadwerkelijk een financier. En van iedereen die uiteindelijk een aanvraag indient, loopt 93 procent die met succes af. Dat is de hoogste score sinds het CBS deze monitor bijhoudt.
Een deel van die verbetering komt doordat ondernemers hun huiswerk beter doen voordat ze aankloppen. Een ander deel komt door de opmars van alternatieve financiers naast de bank, zoals crowdfundingplatforms en microkredietverstrekkers als Qredits. Wie nu twijfelt of een aanvraag de moeite waard is, kan gerust zijn: de kans op een succesvolle uitkomst is groter dan in jaren. Twijfel je nog over de vorm van je financiering? In dit artikel lees je welke alternatieven er zijn naast een duur bankkrediet.
Het probleem zit niet bij de bank, maar bij de aanvraag
Hier wordt het interessant. Het CBS onderzocht ook wat er gebeurt als je inzoomt op geslacht. Van de mannelijke ondernemers met financieringsbehoefte doorloopt 47 procent het hele proces met succes, tegen 35 procent van de vrouwelijke ondernemers. Dat verschil zit vrijwel volledig in de aanvraagfase: mannen dienen in 59 procent van de gevallen daadwerkelijk een aanvraag in, vrouwen in slechts 47 procent van de gevallen.
Het Code-V Data Rapport 2026, opgesteld door meer dan 130 publieke en private organisaties samen, legt de kloof nog scherper bloot. Van alle Nederlandse ondernemers is 36,7 procent vrouw, maar slechts 8,6 procent van hen vraagt financiering aan, tegenover 13,2 procent van de mannelijke ondernemers. Vrouwen dienen 27,4 procent van alle aanvragen in en krijgen daarmee ongeveer evenredig kapitaal toegekend. De achterstand zit dus niet in de beoordeling door de financier, die is verrassend gelijk. Hij zit in de stap die daarvoor komt: de beslissing om het überhaupt te proberen.
Waarom die stap er voor veel vrouwen niet komt
Een deel van de verklaring ligt in sectorkeuze. Vrouwelijke ondernemers zitten vaker in dienstverlening en detailhandel, sectoren met van nature een lagere kapitaalbehoefte dan bijvoorbeeld bouw of industrie. Maar dat verklaart lang niet alles. Uit onderzoek van RVO en CBS blijkt dat vrouwen hun eigen kredietwaardigheid vaker onderschatten en minder vaak toegang hebben tot een netwerk van investeerders of financieel adviseurs dat hen actief op het idee brengt.
Er speelt ook een vertekend risicobeeld mee. Veel ondernemers gaan er nog van uit dat een aanvraag waarschijnlijk wordt afgewezen, terwijl de slagingskans inmiddels op 93 procent staat voor wie het probeert. Die verouderde verwachting houdt vooral mensen tegen die toch al onzeker zijn over hun aanvraag, en dat treft vrouwen volgens de cijfers onevenredig hard. Het Code-V-rapport rekent voor dat het dichten van deze kloof de Nederlandse economie jaarlijks tot 139 miljard euro kan opleveren, puur door kapitaal daar te laten landen waar het al rendabel wordt ingezet.
Zo bereid je een aanvraag voor die overtuigt
Een aanvraag die slaagt, begint niet bij de financier maar bij je eigen administratie. Financiers vragen vrijwel altijd naar dezelfde basis: een helder beeld van je liquiditeit, je cashflow en je eigen vermogen ten opzichte van je schulden. Heb je die kengetallen niet paraat, dan verlies je kostbare tijd in het proces of moet je met een half verhaal aankloppen. De basics van boekhouding op orde hebben, is dus geen bijzaak maar de eerste stap.
Daarna komt je cashflow. Financiers kijken niet alleen naar je winst, maar vooral naar hoe voorspelbaar je geldstroom is. Een bedrijf met een grillige cashflow oogt risicovoller, ook als de jaarcijfers er goed uitzien. Wil je die stabiliteit aantonen? Kijk dan eens naar deze tips voor cashflowbeheer, want een financier die vertrouwen krijgt in je planning, beoordeelt sneller positief.
Tot slot loont het om breder te kijken dan de bank alleen. Qredits verstrekt microkredieten tot 50.000 euro inclusief coaching, en voor grotere bedragen bestaan er garantieregelingen waarbij de overheid een deel van het risico overneemt van de financier. Dat verlaagt de drempel voor de financier om ja te zeggen, wat precies is wat je nodig hebt als startende of groeiende onderneming.
Wat je morgen anders kunt doen
Het goede nieuws is dat dit een probleem is dat je zelf kunt oplossen, sneller dan je denkt. De cijfers zijn niet somber: als je een aanvraag indient, is de kans op succes dit jaar groter dan ooit gemeten. Het enige wat telt, is die eerste stap zetten in plaats van op basis van een verouderd beeld te concluderen dat het toch geen zin heeft.
Ben je ondernemer en twijfel je nog of je moet aankloppen bij een bank, een garantiefonds of een alternatieve financier? Zet die twijfel opzij en vraag het gewoon. De cijfers van het CBS laten zien dat de deur wagenwijd openstaat, voor wie hem durft te openen.